direct naar inhoud van 3.7. Ruimte voor duurzame energie
Plan: Structuurvisie ruimtelijke ordening
Status: vastgesteld
3.7. Ruimte voor duurzame energie

Doordat fossiele energiebronnen uitgeput raken is het belangrijk dat de transitie naar andere duurzame energiebronnen stevig wordt ingezet en dat er zuinig wordt omgegaan met (bestaande) energiebronnen. De provincie wil bijdragen aan de ontwikkeling en opwekking van duurzame energie, zoals uit wind, zon, bodem, biomassa en vergisting.

De provincie steunt de ontwikkeling van windenergie onder voorwaarden. Om versnippering van meerdere kleinere initiatieven tegen te gaan, kiest de provincie voor geclusterde opstelling van windturbines. Dat kan bij grootschalige bedrijventerreinen in het stedelijk concentratiegebied. En in landschappen die daar voor wat betreft schaal en maat geschikt voor zijn. Dit betekent wel in de open zeekleigebieden en niet in de kleinschalige cultuurlandschappen. De provincie vindt het belangrijk dat windturbines na afloop van de gebruiksperiode worden gesaneerd. De provinciale doelstelling is om in 2020 320 MW aan vergund vermogen windenergie te produceren.

De toepassing van zonne-energie op bebouwing wil de provincie stimuleren. Denk daarbij aan bedrijventerreinen en agrarische bebouwing.

Energiewinning met biomassa is kansrijk in de relatief kleinschalige delen van Noord-Brabant, in de nabijheid van de grote steden op goed ontsloten plekken (langs het water). De provincie ziet voor vergisting vooral ontwikkelingsmogelijkheden in Oost-Brabant: de Peel is het belangrijkste gebied voor de intensieve veehouderij in Noord-Brabant.

Naast het ontwikkelen van nieuwe energiebronnen wil de provincie dat bestaande energie optimaal wordt benut. Dit kan door de restwarmte in te zetten bij andere gebruikers. De uitwisseling van reststromen is met name rendabel wanneer er een korte afstand is tussen ontdoener en afnemer. Energie is daarom een belangrijke factor bij de locatiekeuzes van grote energieverbruikers.