direct naar inhoud van 4.1. De sturingsfilosofie van de provincie Noord-Brabant
Plan: Structuurvisie ruimtelijke ordening
Status: vastgesteld
4.1. De sturingsfilosofie van de provincie Noord-Brabant

Samenwerken aan kwaliteit

De provincie heeft als sturingsfilosofie 'samenwerken aan kwaliteit': samen met andere overheden, marktpartijen en maatschappelijke organisaties vormgeven aan een duurzame ruimtelijke ontwikkeling van Noord-Brabant. Daarbij respecteert de provincie ieders rol (subsidiariteit) en gaat er ook van uit dat alle partijen die optimaal invullen.

Kernrollen van de provincie

In de Agenda van Brabant zijn de provinciale kernrollen gedefinieerd als:

  • 1. gebiedsautoriteit: de provincie is verantwoordelijk voor de ontwikkeling van de regio Brabant (als geheel of een deel daarvan);
  • 2. opdrachtgever voor de uitvoering: de provincie is verantwoordelijk voor de uitvoering van haar wettelijke taken en voor de uitvoering van bovenlokale opgaven.
  • 3. systeemtoezichthouder en kwaliteitsbewaker: naast een adequate uitvoering van haar wettelijke toezichtstaken,voelt de provincie zich in algemene zin verantwoordelijk voor een goed functionerende Brabantse samenleving.

Deze rollen zijn in deze structuurvisie vertaald naar het ruimtelijk domein. Centraal in de structuurvisie staat de zorg voor de ruimtelijke kwaliteit. In het streven naar een complete kennis- en innovatieregio, is het behoud en de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit van essentieel belang voor het vestigings- en leefklimaat. Dat doet de provincie vanuit het besef dat het provinciaal belang altijd leidend moet zijn in haar handelen.

Sturen op het provinciaal belang

De provincie richt zich primair op ontwikkelingen van bovenlokale schaal en betekenis. Dat kunnen grootschalige ontwikkelingen zijn, maar ook de optelsom van meerdere kleine ontwikkelingen met een bovenlokale impact. Te denken valt aan de aanleg van een regionaal bedrijventerrein of een weg, de herinrichting van een beekdal of het hergebruik van cultuurhistorisch waardevolle complexen. Daar pakt de provincie de rol van (mede)opdrachtgever, ontwikkelaar of regisseur. Daarbij past de inzet van ontwikkelingsgerichte instrumenten en het maken van bestuurlijke afspraken op regionale schaal.

Bij ontwikkelingen van lokale schaal en betekenis, ligt de verantwoordelijkheid primair bij gemeenten. De provincie kiest hier voor een andere rol en richt zich op het veiligstellen van de provinciale belangen en het stimuleren van de uitvoering door andere partijen. Daarbij worden met name communicatieve, financiƫle of juridische instrumenten ingezet.

Vier manieren van sturen

De provincie zet voor het realiseren van haar doelen vier manieren van sturen in. De kernrollen van de provincie komen in elk van deze vier manieren van sturen terug en zijn in de volgende paragrafen van dit hoofdstuk uitgewerkt. Het gaat in de eerste plaats over het regionaal samenwerken, want in de ruimtelijke ontwikkeling van Noord-Brabant hebben de verschillende partijen elkaar hard nodig. Daarnaast neemt de provincie in een aantal gevallen zelf het initiatief bij ruimtelijke ontwikkelingen, door (mee) te gaan ontwikkelen. Ook staat de provincie voor de bescherming van waarden en geeft het sturing aan de ontwikkeling van functies in bepaalde gebieden. Ten slotte stimuleert de provincie die ruimtelijke ontwikkelingen die een bijdrage leveren aan de realisatie van de provinciale doelen.

Sturen op ruimtelijke structuren

De ruimtelijke belangen en keuzes (Hoofdstuk 3) zijn vertaald in vier concrete ruimtelijke structuren: de groenblauwe structuur, het landelijk gebied, de stedelijke structuur en de infrastructuur. Binnen deze structuren worden de belangrijkste maatschappelijke ontwikkelingen opgevangen en kiest de provincie voor een bepaalde ordening van functies. De structuren geven een integrale hoofdkoers aan: een ruimtelijk ontwikkelingsperspectief voor een combinatie van functies.

De manier waarop dit perspectief wordt gerealiseerd is opgenomen in de uitvoeringsparagrafen van de structuren. Daarin komen de vier manieren van sturen terug en is af te lezen voor welke wijze van sturen de provincie kiest bij de realisatie van haar doelen. De ruimtelijke structuren zijn opgenomen in Deel B van deze structuurvisie. Samen vormen ze de provinciale ruimtelijke structuur.