direct naar inhoud van 4.5. Stimuleren
Plan: Structuurvisie ruimtelijke ordening
Status: vastgesteld
4.5. Stimuleren
4.5.1. Subsidies, kennis en informatie

De provincie zet op meerdere beleidsvelden stimulerende instrumenten in. Door andere partijen door middel van subsidies in de uitvoering te ondersteunen. In de realisatieparagrafen van de vier structuren is opgenomen welke subsidies de provincie inzet. Daarnaast stelt de provincie kennis en informatie ten aanzien van verschillende beleidsaspecten met ruimtelijke relevantie beschikbaar. De provincie biedt deze informatie aan bij de ontwikkeling van ruimtelijke plannen. Dit zijn:

  • Aardkunde (Aardkundig waardevolle gebiedenkaart);
  • Bodem (Bodemwijzer);
  • Cultuurhistorie (Cultuurhistorische Waardenkaart);
  • Werklocaties (Menukaart duurzame bedrijventerreinen);
  • Mobiliteit (Gebiedsprofielen);
  • Natuur (Natuurbeheerplan Ecologische Hoofdstructuur);
  • Water (Wateratlas).
4.5.2. Gebiedspaspoorten

De provincie heeft voor heel Noord-Brabant gebiedspaspoorten opgesteld. Deze zijn opgenomen in de "Uitwerking Gebiedspaspoorten, inclusief kaartbijlage". Dit is een uitwerking van de structuurvisie en daarmee een apart document, waarin de provincie aangeeft welke landschapskenmerken zij bepalend vindt voor de kwaliteit van een gebied of een landschapstype (de kernkwaliteiten van Noord-Brabant). De provincie geeft ook haar ambities weer voor de ontwikkeling van de landschapskwaliteit in die gebieden. Ontwikkelingen kunnen een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van nieuwe en gebiedseigen kwaliteiten. De kenmerken en ambities voor de gebieden zijn verbeeld op een kaart.

De provincie wil de diversiteit en de contrasten in de Brabantse landschappen in stand houden en als uitgangspunt nemen voor nieuwe ontwikkelingen. De gebiedspaspoorten geven inhoud aan het provinciaal belang van landschap en zijn daarom belangrijk voor het handelen van de provincie en de inzet van provinciale instrumenten, zoals subsidies.

Als de provincie zelf initiatiefnemer is voor planvorming, bijvoorbeeld bij gebiedsontwikkelingen of ontwikkelprojecten zoals beschreven in de vier structuren, zijn de paspoorten uitgangspunt. De provincie stuurt op de samenhang van de gebiedspaspoorten met de cultuurhistorische landschappen en de provinciale structuren (hoofdstukken 1, 2, 3 en 4 deel B).

In het geval dat gemeenten of andere partijen initiatiefnemer zijn, vraagt de provincie de landschapskenmerken en de ambities van de paspoorten uit te werken in hun eigen plannen, ze te betrekken in de afwegingen bij ruimtelijke planvorming en daaraan uitvoering te (laten) geven in plannen.

4.5.3. Cultuurhistorische landschappen

Noord-Brabant kent gebieden met een concentratie van samenhangende cultuurhistorische waarden. Deze cultuurhistorische landschappen zijn representatief voor de diverse agrarische cultuurlandschappen van zand, klei en verdwenen veen, maar ook voor de landschappen gevormd door waterbeheersing en defensie, zoals overlaten en waterlinies.

afbeelding "i_NL.IMRO.9930.sv2010-0003_0014.png"

Kaart 14. Cultuurhistorische landschappen

Om de samenhang te benadrukken is het belangrijk deze landschappen verder te ontwikkelen, gericht op behoud en waar nodig verbetering van de leesbaarheid (belevingswaarde) van het landschap. Hierdoor wordt de ruimtelijke kwaliteit van Noord-Brabant versterkt. De cultuurhistorische landschappen zijn uitgewerkt in de Cultuurhistorische Waardenkaart (GS december 2010).

4.5.4. Nationale en provinciale landschappen

Nationale landschappen

Het Rijk heeft in de Nota Ruimte de nationale landschappen geïntroduceerd. Hiervan liggen er twee (deels) in Noord-Brabant: Het Groene Woud en de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Een deel van het groene hart van Noord-Brabant is in de Nota Ruimte (2006) aangeduid als Nationaal Landschap Het Groene Woud. Van Nationaal Landschap de Nieuwe Hollandse Waterlinie ligt alleen het zuidelijke deel in Noord-Brabant. Nationaal Landschap Het Groene Woud heeft als kernkwaliteiten het groene karakter, kleinschalige openheid en de samenhang tussen beken, essen, kampen, bossen en heiden. De centrale ligging in het stedelijke gebied van Noord-Brabant is een belangrijk aspect in het ruimtelijk beleid. In Het Groene Woud worden verbrede landbouw en recreatie in samenhang met natuur en landschap ontwikkeld. De kernkwaliteiten van de Nieuwe Hollandse Waterlinie zijn de samenhang van forten, dijken, kaden en inundatiekommen, het groene en overwegend rustige karakter en de openheid. Ook hier is de (verbrede) landbouw en de recreatieve betekenis van belang.

De provincie heeft een coördinerende rol bij het uitvoeren van het stimuleringsbeleid van het Rijk in de nationale landschappen. Aan de aanduiding als nationaal landschap is een uitvoeringsprogramma gekoppeld dat met een stimulerende, gebiedsgerichte aanpak de doelen wil realiseren.De planologische consequenties van het Rijksbeleid voor Nationale Landschappen zijn in het ruimtelijk beleid van de provincie geborgd.

Provinciale landschappen

In het programma Schoon Brabant 9 footnote#8 heeft de provincie drie provinciale landschappen benoemd. Naast Het Groene Woud zijn dat de Brabantse Wal en de Maashorst. De provincie stimuleert via een gebiedsgerichte aanpak de versterking van de landschapwaarden in deze gebieden,vooralsnog in de periode 2008-2011. Natuur, water, cultuurhistorie en recreatie worden verbonden met de sociale en economische structuur door uitvoering van concrete projecten maar ook door specifiek aandacht voor gebiedsprofilering, communicatie en educatie. Mensen en bedrijven kunnen daardoor floreren in deze landschappelijk aantrekkelijke gebieden. De aanpak van de provinciale landschappen is volledig gericht op stimulering. Daarmee wordt een impuls gegeven aan zowel de landschappelijk waarden maar ook aan ecologische, economische en sociaal-culturele waarden in deze drie gebieden.