direct naar inhoud van 1.3. Groenblauwe mantel
Plan: Structuurvisie ruimtelijke ordening
Status: vastgesteld
1.3. Groenblauwe mantel
1.3.1. Perspectief voor de groenblauwe mantel

Beschrijving

De groenblauwe mantel bestaat overwegend uit gemengd landelijk gebied met belangrijke nevenfuncties voor natuur en water. Het zijn meestal gebieden grenzend aan het kerngebied natuur en water die bijdragen aan de bescherming van de waarden in het kerngebied. De beheergebieden EHS liggen binnen de groenblauwe mantel. Ook de groene gebieden door én nabij de stedelijke omgeving zijn onderdeel van de groenblauwe mantel.

De waarden in de groenblauwe mantel zijn vaak gekoppeld aan landschapselementen (zoals houtwallen en heggen), het watersysteem (zoals de aanwezigheid van kwel) en het voorkomen van bijzondere planten en dieren. De groenblauwe mantel is opgebouwd uit een aantal deelgebieden die:

  • vanuit het bodem- en watersysteem essentieel zijn voor het behoud en ontwikkeling van de natuurwaarden van Noord-Brabant en/of;
  • van belang zijn voor het opvangen van omgevings- en klimaatinvloeden op het kerngebied groenblauw en/of;
  • hoge actuele of potentiële natuurwaarden hebben en/of;
  • van belang zijn voor de geleding tussen steden, de groenblauwe verbinding en dooradering door het stedelijk netwerk en het agrarische cultuurlandschap.

Beleid

Binnen de groenblauwe mantel is de agrarische sector een grote en belangrijke grondgebruiker. Het is nodig deze positie te behouden en/of een ontwikkeling in grondgebonden agrarisch gebruik te bevorderen. Er zijn ook diverse recreatieve en toeristische bedrijven binnen de groenblauwe mantel aanwezig.

Het behoud en vooral de ontwikkeling van natuur, water (-beheer) en landschap is een belangrijke opgave. Waar mogelijk zet de provincie in op herstel van de kwelstromen zoals het verschijnsel wijst dat aan het oppervlak kan treden op de Peelrandbreuk in Oost Brabant. Herstel van kwelstromen speelt ook in de beekdalen en op de overgangen van zand/veen naar klei in de zone Roosendaal – 's-Hertogenbosch, in de zogenaamde Naad van Brabant.

Nieuwe ontwikkelingen binnen de groenblauwe mantel zijn mogelijk, als deze bestaande natuur-, bodem- en waterfuncties respecteren of bijdragen aan een kwaliteitsverbetering van deze functies of het (cultuurhistorisch waardevolle) landschap. De versterking van de binnen de groenblauwe mantel aanwezige leefgebieden voor plant- en diersoorten vraagt daarbij specifieke aandacht. Het beleid is er op gericht dat de belevingswaarde en de recreatieve waarde van het landschap toeneemt. Ontwikkelingen passen qua aard en schaal bij het ontwikkelingsperspectief voor de groenblauwe mantel en houden rekening met omliggende waarden. Dit wordt betrokken bij de zorgplicht voor ruimtelijke kwaliteit (deel A paragraaf 4.4). Een (verdere) ontwikkeling van kapitaalintensieve functies, zoals stedelijke ontwikkelingen, (bezoekers)intensieve recreatie en concentratiegebieden voor intensieve landbouwfuncties zijn strijdig met de doelen die in de groenblauwe mantel worden nagestreefd. De ontwikkelingsmogelijkheden voor deze intensievere functies zijn dan ook beperkt.

In de groenblauwe mantel biedt de provincie ruimte aan de groeiende vraag naar 'diensten' die het landelijke gebied aan de samenleving kan bieden. Agrarisch natuurbeheer, groene- en blauwe diensten, vormen van agrarische verbreding die zijn gericht op de beleving van rust en ruimte, energiewinning met een directe koppeling aan de agrarische bedrijfsvoering, zonne-energie en de ontwikkeling van met name grondgebonden melkveehouderijen zijn als economische drager in dit gebied gewenst. Een verdere intensivering van in de groenblauwe mantel voorkomende agrarische bedrijvigheid is niet wenselijk. Daarom worden er beperkingen gesteld aan het gebruik van teeltondersteunende voorzieningen. De ontwikkelingsmogelijkheden voor de intensieve veehouderij worden gerespecteerd. Dit is in deel B Hoofdstuk 2uitgewerkt.

Recreatieve ontwikkelingen, met name op bestaande locaties (bijvoorbeeld vrijkomende agrarische bedrijfslocaties) zijn mogelijk, zeker als daarmee een bijdrage wordt geleverd aan de versterking van natuur, water en landschap.

De gebieden van de groenblauwe mantel in de nabijheid van stedelijke omgeving richten zich vooral op het recreatieve gebruik en de beleving van het groenblauwe gebied dichtbij de stad. Stad en land komen hier nadrukkelijk samen, de gebieden zijn de groenblauwe dragers van het “stadteland”. Het gaat hier bijvoorbeeld over het middengebied Eindhoven-Helmond, de Groene Delta 's-Hertogenbosch en de Groene Mal Tilburg.

1.3.2. Uitvoering groenblauwe mantel

Ontwikkelen

  • Gebiedsontwikkelingen Oostelijke Langstraat, de Brabantse Wal, Het Groene Woud, de Levende Beerze Peelhorst en Brainport Oost.

Juridische instrumenten

  • De Verordening ruimte stelt regels ten aanzien van:
    • 1. de begrenzing van de groenblauwe mantel en de beheergebieden EHS die hierbinnen liggen;
    • 2. de ontwikkeling van functies binnen de groenblauwe mantel;
    • 3. de ontwikkelingsmogelijkheden voor complexen van cultuurhistorisch belang (historische landgoederen,kloosters, industrieel erfgoed, e.d.).

Subsidies

  • Via het ILG zet de provincie gelden in voor de zogenaamde beheergebieden EHS en de soortenbescherming in de groenblauwe mantel. De provincie zet zelf aanvullend provinciale stimuleringsregelingen in, zoals voor ontsnippering, groenblauwe diensten, soortenbescherming, landschapsbeheer en groen om de stad. De inzet van de provinciale subsidies wordt afgestemd op de inzet van de “kwaliteitsverbetering van het landschap".

Overleg en bestuurlijke afspraken

  • De provincie maakt afspraken over de realisering van de groenblauwe mantel in de gebieds- en reconstructiecommissies, de regionale ruimtelijke overleggen en met de waterschappen. Deze afspraken worden vastgelegd in bestuursovereenkomsten.
  • De provincie ondersteunt de gebiedsgerichte aanpak in het Maasheggengebied (programma Mooi Brabant).
  • De provincie stimuleert in de gebiedsgerichte aanpak de betrokkenheid van maatschappelijke organisaties en bedrijfsleven zoals de landbouw, de natuur- en milieuorganisaties en de recreatieve sector bij de ontwikkeling van de groenblauwe mantel.
  • De provincie bevordert dat bestaande plannen inclusief uitvoeringsparagrafen worden uitgebreid en/of aangepast op basis van de provinciale doelen in de groenblauwe mantel. Dit geldt bijvoorbeeld voor de gebiedsgerichte projecten in het kader van het programma Vertrouwen in Brabant, het programma Landelijk Gebied en voor de regionale contracten in het stimuleringskader groene en blauwe diensten.
  • De provincie geeft prioriteit aan die delen van de groenblauwe mantel waar het de ontwikkeling van de groene geledingszones tussen de steden betreft.
  • De provincie voert regie op het thema wijst. In vijf pilotgebieden doet de provincie in het wijstgebied ervaring op met het opstellen en uitvoeren van herstelmaatregelen, inclusief de financiering en het verkrijgen van draagvlak. De provincie verzoekt de waterschappen en de gemeenten om actief te participeren in de pilots via planvorming en uitvoering. Het waterschap is trekker voor het pilotproject St. Annabos en levert hydrologiche kennis aan de andere pilots.
  • De provincie werkt samen met het SRE, het waterschap en de betrokken gemeenten beleid uit voor het voornemen tot aanwijzing van het Middengebied Eindhoven-Helmond als Rijksbufferzone, conform de bestuurlijke intentieovereenkomst van juni 2009/het afsprakenkader Brainpoort-Oost van februari 2010.

Communicatieve instrumenten

  • De provincie monitoort de ontwikkeling van de natuurwaarden in de provincie en rapporteert o.a. via het om de 4 jaar uitbrengen van de rapportage “Toestand van de Brabantse natuur”. Ook in het kader van het programma Landelijk Gebied vindt provinciale monitoring plaats via de zogenaamde Barometer PLG. De toestand van het Brabantse water wordt periodiek gerapporteerd in de Regionale Watersysteemanalyse (RWSR).
  • De provincie maakt - in het kader van de provinciale Monitor Ruimtelijke kwaliteit - in 2010-2011 een Nulmeting Landschapselementen en ontwikkelt een onderdeel monitoring landschap die gebaseerd wordt op de kenmerkende landschapsstructuren en elementen. Zie ook 4.5.2 Gebiedspaspoorten.
  • De provincie geeft informatie (o.a. via rapportages en de provinciale website) en advies over de beoogde landschappelijke doelen en de waarden van provinciaal belang op het vlak van bodem, water, cultuurhistorie, ecologie en ruimtelijke kwaliteit, zoals de Bodemwijzer, de Aardkundige waardenkaart, de Cultuurhistorische waardenkaart, de Wateratlas en het Natuurbeheerplan voor de EHS in Noord-Brabant.
  • De provincie biedt informatie over de kenmerken, de doelen van de bestaande en na te streven natuur van provinciaal belang in Noord-Brabant.