direct naar inhoud van Hoofdstuk 4. Vervolgtraject planvorming
Plan: Structuurvisie Grenscorridor N69
Status: ontwerp

Hoofdstuk 4. Vervolgtraject planvorming

Bij de afweging voor de keuze van de voorkeursvariant voor de Grenscorridor zijn verschillende aspecten naar voren gekomen. Het is zaak deze op te pakken als kansen voor de ontwikkeling en versterking van de kwaliteit in de ruimtelijke inrichting, mobiliteit en het leefmilieu als geheel. Dit biedt de gelegenheid om de negatieve effecten van de aanleg van de infrastructuur op natuur, landschap, cultuurhistorie en leefomgeving te verminderen.

Het Bestuurlijk Overleg Grenscorridor N69 hanteert voor het vervolgproces van de Grenscorridor de volgende uitgangspunten:

  • inhoud geven aan het Gebiedsakkoord. De komende tijd samen met de regio een interactief proces doorlopen, waarbij het voorkeursalternatief verder wordt uitgewerkt. Er worden nadere afspraken gemaakt over de uitvoering en financiering van het voorkeursalternatief. Deze uitkomst wordt verwerkt in het Gebiedsakkoord.
  • optimaal inzetten op ruimtelijke kwaliteit. Zowel voor de infrastructuur zelf als voor de omgeving. Het betekent ook gebruik van ruimtelijke ontwerpen om varianten te ontwikkelen. In de volgende fase van project-m.e.r. worden deze varianten verder doorgerekend en getoetst op milieu- en verkeerseffecten.
  • inhoud geven aan een integrale Gebiedsimpuls gericht op verbetering van het leef- en vestigingsklimaat van dit deel van de Brainportregio. Van belang is dat tegelijkertijd wordt gewerkt aan de realisatie van 'groene', 'blauwe' en 'grijze' ontwikkelingen. Het gaat om het samenstellen van een pakket van verbeter-, infrastructurele, mitigerende, compensatie- en gebiedsimpulsmaatregelen.

Voor de uitwerking van het voorkeursalternatief Westparallel wordt een provinciaal inpassingsplan of gemeentelijke bestemmingsplannen opgesteld, waarbij de daarbij behorende project-m.e.r.-procedure wordt doorlopen. Als eerste stap in de project-m.e.r. wordt een Notitie Reikwijdte en detailniveau opgesteld. Hierin wordt aangegeven welke vervolgonderzoeken plaats moeten vinden. De provincie vindt het van groot belang de integrale aanpak (zowel inhoudelijk als qua samenwerking) bij de verdere trajectkeuze, inpassing en vormgeving van de Grenscorridor voort te zetten. Elke nieuwe ingreep dient bij te dragen aan het behoud of de versterking van de kenmerken van het gebied.

De Brede Belangenbenadering heeft geleid tot een zorgvuldige dialoog. Deze zal ook in de komende periode worden voortgezet. Alle partijen blijven onderdeel van het Bestuurlijk Overleg om de belangen van hun organisaties te vertegenwoordigen. Belanghebbenden uit het gebied zullen bij het vervolgproces worden betrokken.

Er worden nadere afspraken gemaakt over de uitvoering en financiering van het voorkeursalternatief. De uitkomsten worden verwerkt in het Gebiedsakkoord. De alliantie draagt collectieve verantwoordelijkheid voor de uitvoering van het Gebiedsakkoord.

Evaluatie uitkomsten plan-MER

Conform de Wet milieubeheer is het verplicht een evaluatie uit te voeren van de effecten van de voorgenomen activiteiten. Omdat het plan-MER gevolgd wordt door een project-m.e.r., worden in dat kader de effecten gedetailleerder in beeld gebracht. Tevens wordt door het bijbehorende moederbesluit (gemeentelijke bestemmingsplannen of een provinciaal inpassingsplan) de daadwerkelijke realisatie van de voorgenomen maatregelen mogelijk gemaakt. Hierdoor is een evaluatieprogramma naar aanleiding van de uitgevoerde plan-m.e.r. weinig zinvol. Daarom wordt in de project-m.e.r. het onderdeel evaluatie, conform artikel 7.39 van de Wet milieubeheer, nader uitgewerkt, waarbij onder andere aandacht zal zijn voor de opgetreden milieueffecten en de realisatie van de maatregelen.