direct naar inhoud van Regels
Plan: Nadere regels Verordening ruimte 2014 - Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij
Status: ontwerp
Plantype: provinciale verordening
IMRO-idn: NL.IMRO.9930.nrvr2014bzv-on01

Regels

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

Artikel 1 Begripsbepalingen

1.1 Nadere regels Verordening ruimte

De geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.9930.nrvr2014bzv-on01, met de bijbehorende regels.

1.2 Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij (BZV)

Instrument waarin maatregelen zijn benoemd ter bevordering van de transitie naar zorgvuldige veehouderij van individuele bedrijven, als opgenomen in de bijlage bij de regels.

Artikel 2 Begripsbepalingen Verordening ruimte

De begripsbepalingen uit de Verordening ruimte 2014 zijn voor deze nadere regels van overeenkomstige toepassing.

Hoofdstuk 2 Algemene regels

Artikel 3 Toepassingsbereik

  • 1. De Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij geeft invulling aan de nadere regels als bedoeld in artikel 6.5 en 7.5 van de ontwerp Verordening ruimte 2014;
  • 2. De nadere regels zijn van toepassing op het oprichten van bebouwing voor veehouderijen die op grond van artikel 6.4 en 7.4 ontwerp Verordening ruimte 2014 van de provincie Noord-Brabant willen ontwikkelen richting een zorgvuldige veehouderij;
  • 3. De nadere regels zijn niet van toepassing op het oprichten van bebouwing ten behoeve van overige ontwikkelingen binnen het toegekende bouwvlak indien het bestemmingsplan borgt dat deze bebouwing niet gebruikt wordt voor de uitoefening van de ter plaatse gevestigde veehouderij;
  • 4. De nadere regels zijn niet van toepassing op het oprichten van bebouwing ingevolge artikel 2 van bijlage II Besluit omgevingsrecht.

Artikel 4 Zorgvuldige veehouderij

  • 1. Een veehouderij die ten minste 7 punten behaalt overeenkomstig de bij deze nadere regels horende BZV, voldoet aan het vereiste inzake de (ontwikkeling naar een) zorgvuldige veehouderij als bedoeld in artikel 6.4 en 7.4, eerste lid, van de ontwerp Verordening ruimte 2014 , waarbij geldt dat ten minste 0,2 behaald moet worden via de pijler Certificaten en minimaal 0,6 punten via de pijler Inrichting & Omgeving.
  • 2. Ingeval van innovatieve bedrijfsconcepten is er in afwijking van het eerste lid sprake van een (ontwikkeling naar) een zorgvuldige veehouderij indien uit een verklaring van het deskundigenpanel als bedoeld in Artikel 5 blijkt dat het innovatieve bedrijfsconcept als zodanig kan worden aangemerkt.

Artikel 5 Instelling deskundigenpanel zorgvuldige veehouderij

  • 1. Gedeputeerde Staten stellen een deskundigenpanel in dat bij innovatieve ontwikkelingen en/of vernieuwende bedrijfsconcepten vaststelt in welke mate de ontwikkeling bijdraagt aan een ontwikkeling naar zorgvuldige veehouderij;
  • 2. Het deskundigenpanel bestaat in ieder geval uit een onafhankelijk voorzitter en minimaal twee onafhankelijke deskundigen die gezamenlijk overzicht hebben over alle aspecten van zorgvuldige veehouderij.

Artikel 6 Periodieke bijstelling

  • 1. Gedeputeerde Staten evalueren deze nadere regels iedere twee jaar.
  • 2. Deze evaluatie richt zich in ieder geval op de bijdrage van de nadere regels aan de gewenste ontwikkeling van een zorgvuldige veehouderij.
  • 3. Wanneer noodzakelijk, in ieder geval eens per vier jaar, stellen Gedeputeerde Staten aanpassingen van deze nadere regels vast om zo de transitie naar zorgvuldige veehouderij te ondersteunen.
  • 4. Uiterlijk in 2020 gaan Gedeputeerde Staten samen met de partners in het Brabantberaad na of de ontwikkeling van een zorgvuldige veehouderij, in samenhang met de (inter)nationale wet- en regelgeving, dusdanig is voortgeschreden dat voortdurende inzet van deze nadere regels niet meer nodig is.

Hoofdstuk 3 Slotbepalingen

Artikel 7 Inwerkingtreding

Deze nadere regels treden met ingang van .. maart 2014 inwerking.

Artikel 8 Citeertitel

Deze Nadere regels Verordening ruimte worden aangehaald als: Nadere regels Verordening ruimte 2014 - Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij