direct naar inhoud van Aanwijzing 3, t.a.v. wijzigingsbevoegdheid voor het omschakelen van een agrarisch bedrijf naar een gebruiksgerichte paardenhouderij
Plan: Reactieve aanwijzing tav Buitengebied Maasdonk 2012
Status: vastgesteld

Aanwijzing 3, t.a.v. wijzigingsbevoegdheid voor het omschakelen van een agrarisch bedrijf naar een gebruiksgerichte paardenhouderij

Waar de bestemming Agrarisch met waarden - Landschapswaarden samenvalt met de gebiedsaanduiding-overig 'groenblauwe mantel' treden de regels behorend bij deze bestemming die een wijzigingsbevoegdheid bevatten voor het omschakelen van een agrarisch bedrijf naar een gebruiksgerichte paardenhouderij niet in werking.

Motivering

In artikel 3.7.3 is een wijzigingsbevoegdheid opgenomen voor het omschakelen van een bouwvlak voor een agrarische bedrijf naar een gebruiksgerichte paardenhouderij. In het ontwerpbestemmingsplan is in lid f van voornoemd artikel opgenomen dat de wijzigingsbevoegdheid niet toepasbaar is voorzover de gronden zijn gelegen ter plaatse van de aanduidingen 'ehs-ecologische verbindingszone', 'ehs-natuur'en 'groenblauwe mantel'. In de ons ambtelijk toegezonden versie van de vastgestelde definitieve planregels is in artikel 3.7.3.f de aanduiding 'groenblauwe mantel' vervallen zodat de wijzigingsbevoegdheid nu toepasbaar is ter plaatse van gronden die zijn aangeduid als 'groenblauwe mantel'.

Hoofdstuk 1Vr: Algemene bepalingen
In artikel 1.1 Vr is bij de begripsbepalingen de volgende omschrijving opgenomen van agrarisch verwant bedrijf: bedrijf dat geheel of in overwegende mate gericht is op het verlenen van diensten aan particulieren of niet-agrarische bedrijven waarbij gebruikt gemaakt wordt van het telen van gewassen, het houden van dieren of het toepassen van andere land-, bos- of natuurbouwkundige methoden, met uitzondering van mestbewerking.

Hoofdstuk 11Vr: niet-agrarische ontwikkelingen buiten bestaand stedelijk gebied
In de artikelen 11.6 tot en met 11.10 zijn regels opgenomen voor niet-agrarische bedrijfsactiviteiten in het buitengebied. Artikel 11.6 is een basisartikel; in de daaropvolgende artikelen zijn voor een aantal typen bedrijven afwijkende en/of aanvullende regels opgenomen, waaronder voor agrarisch verwante bedrijvigheid. De ligging van een locatie in of buiten de groenblauwe mantel is daarbij bepalend voor de geboden mogelijkheden.

Artikel 11.6 laat in de groenblauwe mantel de vestiging van niet-agrarische activiteiten toe tot een omvang van maximaal 5.000m2 waarbij onder andere de eis geldt dat de ontwikkeling niet mag leiden tot een bedrijf in milieucategorie 3 of hoger. Bedrijven zoals deze voorkomen in de hierna volgende begripsbepaling binnen hoofdstuk 1 van het bestemmingsplan vallen niet in milieucategorie 1 of 2 en kunnen dus niet gevestigd worden op basis van 11.6 Vr.
Artikel 11.7 bevat regels voor o.a. agrarisch verwante bedrijven. Indien een locatie in de groenblauwe mantel ligt biedt dit artikel voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen geen verruiming van de mogelijkheden ten opzichte van artikel 11.6.
De vestiging, in onderhavig geval door omschakeling, van een paardenhouderij die niet te beschouwen is als agrarisch bedrijf is dus niet mogelijk in de groenblauwe mantel.

Bestemmingsplan: Hoofdstuk 1 Iinleidende regels
In de begripsbepalingen van het bestemmingsplan is een gebruiksgerichte paardenhouderij als volgt omschreven: Paardenhouderij die is gericht op het africhten en trainen van paarden, het bieden van stalruimte voor paarden, het trainen van paarden en uitbrengen in de sport, verhuur van diensten met behulp van paarden en de in- en verkoop van paarden.

Deze begripsbepaling omvat diverse bedrijven in de zin van de Vr die enkel aan te merken zijn als agrarisch verwante bedrijven (bijv. paardenpension), dan wel als een overig niet-agrarisch bedrijf (handelsbedrijf).

Dit houdt in, dat het bestemmingsplan zoals vastgesteld de mogelijkheid biedt om op gronden welke zijn aangeduid als groenblauwe mantel een paardenhouderij te vestigen die op grond van de Vr beschouwd moet worden als een agrarisch verwant of een overig niet-agrarisch bedrijf in de zin van de Vr, terwijl de regels in hoofdstuk 11 daar in de groenblauwe mantel geen ruimte voor bieden.

Het is dan ook niet gewenst dat de wijzigingsbevoegdheid in 3.7.3 in werking treedt voor zover de bestemming samenvalt met de groenblauwe mantel.