direct naar inhoud van Aanwijzing 4, t.a.v. agrarisch bedrijf Oordeelsestraat 29
Plan: Reactieve aanwijzing tav Landbouwontwikkelingsgebied Oostflank, Baarle-Nassau
Status: vastgesteld

Aanwijzing 4, t.a.v. agrarisch bedrijf Oordeelsestraat 29

De bestemming "Agrarisch - agrarisch bedrijf" aan Oordeelsestraat 29 te Baarle-Nassau, treedt niet in werking voorzover het betreft de uitbreiding die is aangebracht ten opzichte van het ontwerp-plan.

Motivering

Naar aanleiding van een zienswijze van betrokken reclamant is het bestemmingsvlak voor het grondgebonden agrarisch bedrijf op het adres Oordeelsestraat 29 vergroot. Er is aldus sprake van een gewijzigd vastgesteld planonderdeel.

Hoofdstuk 2 Vr
Op grond van artikel 2.2 Vr dient elke ruimtelijke ontwikkeling gepaard te gaan met een aantoonbare en uitvoerbare verbetering van de aanwezige en potentiƫle kwaliteiten van bodem, water, natuur, landschap of cultuurhistorie of van de extensieve recreatieve mogelijkheden van het gebied waarop de ontwikkeling haar werking heeft of van het gebied waarvan de gemeente de voorgenomen ontwikkeling in hoofdlijnen heeft beschreven. In dit bestemmingsplan is voor het grondgebonden agrarisch bedrijf op het adres Oordeelsestraat 29, een bestemmingsvlak opgenomen dat is vergroot ten opzichte van het ontwerp-plan. In de Nota van Zienswijze wordt onder meer aangegeven dat voldoende informatie is gegeven om tot toekenning van vergroting van het bouwvlak, zoals is verzocht, over te gaan.

Aangezien met de uitbreiding van het bestemmingsvlak sprake is van een ruimtelijke ontwikkeling en bij de vaststelling niet is voorzien in kwaliteitsverbetering als bedoeld in artikel 2.2 Vr is er op dit punt sprake van strijd met de Vr.

Hoofdstuk 8 Vr
Op grond van artikel 8.3 lid 1 onder c, kan worden voorzien in uitbreiding van een grondgebonden agrarisch bedrijf, mits uit de plantoelichting blijkt dat deze uitbreiding noodzakelijk is voor de agrarische bedrijfsvoering. Noch de plantoelichting, noch het raadsbesluit gaan zelf in op de noodzaak voor de agrarische bedrijfsvoering. Ook in de Nota van Zienswijze komen geen inhoudelijke afwegingen van de gemeenteraad ten aanzien van de ingebrachte informatie in de zienswijze naar voren. Navraag bij de gemeente heeft inzicht gegeven in de tekst van de zienswijze. Onder punt a is daarin slechts zeer summier iets aangevoerd met betrekking tot de noodzaak en deze is ook weinig geconcretiseerd. Een AAB-advies ontbreekt ook, terwijl deze wel vereist wordt op basis van de voorschriften in de flexibiliteitsbepalingen en betrokkene daarom aangeeft bereid te zijn de plannen bij de AAB toe te lichten. Onder deze omstandigheden concluderen wij dat het besluit op dit punt onvoldoende gemotiveerd is en daarmee ook in strijd met artikel 8.3 van de Vr.