direct naar inhoud van Aanwijzing 7, t.a.v. woning Voske 1
Plan: Reactieve aanwijzing tav Landbouwontwikkelingsgebied Oostflank, Baarle-Nassau
Status: vastgesteld

Aanwijzing 7, t.a.v. woning Voske 1

De bestemming 'Wonen', inclusief eventuele bijbehorende aanduidingen, op het perceel Voske 1 treedt niet in werking.

Motivering

De vastgestelde bestemming 'wonen' op het perceel Voske 1 betekent de nieuwvestiging van een burgerwoning in gebied buiten bestaand stedelijk gebied. Feitelijk wordt een deel van een agrarische bedrijfsbestemming omgezet naar een burgerwoonbestemming terwijl de agrarische bedrijfsbestemming, inclusief bedrijfswoning, in stand blijft. De zienswijze van betrokken reclamant, waarin wordt aangevoerd dat deze woning ten onrechte niet is bestemd als burgerwoning, wordt gegrond verklaard. De verbeelding wordt overeenkomstig aangepast. Er is aldus sprake van een gewijzigd vastgesteld planonderdeel.

Uit de bouwvergunning uit 1966 blijkt dat dit pand is opgericht als een bedrijfswoning samen met bedrijfsruimte.

Hoofdstuk 11 Vr
Dit hoofdstuk van de Vr bevat regels voor wonen buiten bestaand stedelijk gebied. Een bestemmingsplan dient regels te stellen ter voorkoming van nieuwbouw van woningen. Het artikel kent een beperkt aantal uitzonderingen op de regel dat er geen nieuwe woningen mogen ontstaan. Op basis van artikel 11. 1 lid 3 Vr is gebruik van een voormalige bedrijfswoning als burgerwoning mogelijk, mits onder meer overtollige bebouwing wordt gesloopt.

In de retrospectieve toets is vermeld,dat wordt voldaan aan het VAB-beleid. Overigens is er geen nadere onderbouwing aangedragen hoe en in welk opzicht aan het VAB-beleid wordt voldaan. In dit geval blijft naast de burgerwoning, de agrarische bedrijfsbestemming, inclusief bedrijfswoning, in stand. Er is dus sprake van afsplitsing van een bedrijfswoning en omzetting daarvan naar een burgerwoning met een eigen bestemmingsvlak Wonen.

Hoofdstuk 2 Vr
Op grond van artikel 2.2 Vr dient elke ruimtelijke ontwikkeling gepaard te gaan met een aantoonbare en uitvoerbare verbetering van de aanwezige en potentiƫle kwaliteiten van bodem, water, natuur, landschap of cultuurhistorie of van de extensieve recreatieve mogelijkheden van het gebied waarop de ontwikkeling haar werking heeft of van het gebied waarvan de gemeente de voorgenomen ontwikkeling in hoofdlijnen heeft beschreven.

Aangezien met het opnemen van de woonbestemming sprake is van een ruimtelijke ontwikkeling en bij de vaststelling niet is voorzien in kwaliteitsverbetering als bedoeld in artikel 2.2 Vr is er op dit punt sprake van strijd met de Vr.